Ga naar de inhoud van deze pagina Ga naar het zoeken Ga naar het menu
Vorige pagina

Technische vragen

Vervolgvraag - Herinneringsplek onder voormalige wasserij Renkum

ID
152
Datum indiening
25-08-2026
Onderwerp
Vervolgvraag - Herinneringsplek onder voormalige wasserij Renkum
Gevraagd door
  • PRD
Oorspronkelijke vragen
Graag ontvangen we van het archeologisch onderzoek de onafhankelijke rapportage met aanbevelingen. Vraag: “Op dit terrein bevindt zich ondergronds een ruimte met een waterput. Daar loopt een beek. In de Tweede Wereldoorlog was die plek ook een geheime plek voor het verzet ingeval van nood. Mijn vraag is nu er bouwplannen zijn (zie foto in de bijlage) wat er gebeurt met die herinneringsplek onder de voormalige wasserij? Blijft die plek nog toegankelijk of niet?” Antwoord: Naar aanleiding van de raadsvraag is contact gezocht met de eigenaar/ontwikkelaar van deze panden. Zij geven aan dat onder één van de gebouwen een historische kelder zit. Dit was bij de gemeente ook bekend, de kelder heeft geen monumentale status. Die kelder blijft verder onaangeroerd. De kelder is nog wel toegankelijk maar de ontwikkelende partij gaat de kelder niet gebruiken, dus toegang is niet de bedoeling. Daarnaast gaven zij aan dat er in het verleden al palen in de kelder zijn aangebracht om constructie te verstevigen. Dit is gebeurd voordat de huidige eigenaar het terrein kocht. De kelder is dus niet meer helemaal origineel.
Vragen inclusief beantwoording
Vraag: “Graag ontvangen we van het archeologisch onderzoek de onafhankelijke rapportage met aanbevelingen.” Antwoord: Er heeft geen archeologisch onderzoek plaatsgevonden omdat het plan een transformatie van bestaande panden betreft. Onderstaand de argumentatie uit de ruimtelijke onderbouwing, aangeleverd bij aanvraag ODRA23AB2287: ‘Archeologie Binnen het projectgebied geldt de dubbelbestemming ‘Waarde – Archeologie hoge verwachting’. Volgens de regels mag op deze gronden worden gebouwd als het gaat om: a. de bouw of een uitbreiding van een bouwwerk tot een oppervlakte van maximaal 200 m²; b. vervanging, vernieuwing of verandering van bestaande bebouwing, waarbij de oppervlakte (bovengronds en/of ondergronds) en de situering gelijk blijft of kleiner wordt; c. vervanging, vernieuwing of verandering van bestaande bebouwing, waarbij de oppervlakte (bovengronds en/of ondergronds) tot maximaal 200 m² wordt uitgebreid buiten de bestaande situering dan wel waarbij de situering tot maximaal 200 m² wordt veranderd. Op de projectlocatie staan reeds twee gebouwen die in het kader van voorliggend initiatief gesloopt gaan worden. De bodem is derhalve niet meer ongeroerd. Daarnaast wordt met voorliggend plan minder dan 200 m² aan bebouwing gerealiseerd. Het uitvoeren van een archeologisch onderzoek is derhalve niet nodig.’ Zoals te doen gebruikelijk heeft de Omgevingsdienst dit aspect ook getoetst, waarbij dezelfde conclusie is getrokken dat archeologisch onderzoek niet noodzakelijk was. Wel is het volgende nog meegegeven in het uiteindelijke besluit: ‘Archeologie Dat wordt opgemerkt dat op grond van de Wet op de archeologische monumentenzorg (WAMZ) iedereen een `zorgplicht' voor de archeologische waarden in de bodem heeft. Volgens de ‘Meldingsplicht' (artikel 53 van de WAMZ) moet de Omgevingsdienst Regio Arnhem direct in kennis worden gesteld als tijdens werkzaamheden (toch) archeologische waarden worden aangetroffen.’
Deadline beantwoording
01-09-2026
Datum afdoening
31-08-2026
Bijlage(n)